Statuten
STATUTENWIJZIGING
Nederlandse Officieren Vereniging
datum akte: 15 juni 2011
I. VAN DE VERENIGING
Artikel 1
1. De vereniging draagt de naam Nederlandse Officieren Vereniging, afgekort NOV. Zij is gevestigd te ‘s-Gravenhage. De vereniging is opgericht voor onbepaalde tijd, op zeven december negentienhonderd zevenenzeventig.
2. De vereniging is voortgekomen uit de Vereniging van Officieren van de Koninklijke landmacht en van de Koninklijke luchtmacht opgericht op één mei negentienhonderd tien en de Algemene Christen Officierenvereniging (ACOV), opgericht op vijftien oktober negentienhonderd eenenzeventig.
3. De Algemene Christen Officierenvereniging was de voortzetting van de Nationale Christen Officieren Vereniging (NCOV) opgericht op vijfentwintig september negentienhonderd en de Algemene Rooms-Katholieke Officieren Vereniging (ARKO), opgericht op zestien februari negentienhonderd negentien.
Artikel 2
De Nederlandse Officieren Vereniging is een algemene vereniging; zij zal echter voor haar leden de mogelijkheden bieden om zich vanuit hun persoonlijke geloofsovertuiging of levensbeschouwing te bezinnen op en zich te uiten over de uitoefening van het officiersberoep, zowel binnen de krijgsmacht als ten opzichte van de samenleving.
Artikel 3
Het verenigingsjaar, tevens boekjaar, loopt van één januari tot en met eenendertig december.
Artikel 4
De vereniging stelt zich ten doel:
een herkenbare officierenvereniging te zijn, die waakt over de collectieve en individuele belangen van alle leden en hun nagelaten betrekkingen en die fungeert als platform voor de beroepsgroep om invulling te geven aan verantwoordelijkheden die bij de professie behoren, zoals het onderling delen van kennis en ervaring, het geven van een professionele mening over de krijgsmachtorganisatie en diens werkwijze, en het meedenken over vrede en veiligheid.
Artikel 5
De vereniging tracht haar doelstellingen op wettige wijze te bereiken door:
1. een op de doelstelling gerichte structuur binnen de vereniging;
2. het verschaffen van informatie en het bijdragen aan de meningsvorming in de vereniging, in de defensieorganisatie en in de samenleving.
3. het doen blijken van haar mening daar waar zulks mogelijk en gewenst is;
4. het samenwerken met organisaties, die voor het verwezenlijken van de doelstellingen en/of voor haar leden van belang zijn;
5. het zich bezinnen op de normen, waardoor in vredes- en oorlogstijd het optreden van de krijgsmacht wordt beheerst;
6. andere activiteiten, die het doel kunnen bevorderen.
II. VAN DE LEDEN
Artikel 6
1. De vereniging kent naast gewone leden, ereleden, leden van verdienste en buitengewone leden.
2. De leden worden bij afdelingen ingedeeld.
Artikel 7
1. Gewoon lid van de vereniging kunnen zijn:
a. officieren van de Nederlandse krijgsmacht;
b. officieren van de Nederlandse krijgsmacht, die op non-actief zijn gesteld, reserve officier zijn, eervol zijn ontslagen of zijn gepensioneerd;
c. zij die als geestelijk verzorger of raadsman bij de Nederlandse krijgsmacht werkzaam zijn of zijn geweest;
d. zij die zijn toegelaten tot enige opleiding waaraan - na beëindiging met gunstig resultaat - een benoeming tot officier bij de Nederlandse krijgsmacht is verbonden, alsmede vaandrigs en daarmee gelijkgestelden.
2. Ereleden zijn leden, die door de algemene vergadering als zodanig zijn benoemd wegens bijzondere verdiensten voor de vereniging en die deze benoeming hebben aanvaard.
3. Leden van verdienste zijn leden, die door het hoofdbestuur als zodanig zijn benoemd wegens grote verdiensten voor de vereniging tijdens hun lidmaatschap en die deze benoeming hebben aanvaard.
4. Buitengewoon lid van de vereniging kunnen zijn nagelaten betrekkingen van overleden leden, leden van verdienste en ereleden, waarmee wordt bedoeld weduwen, weduwenaars, dan wel andere personen, waarmee het niet gehuwde lid samenwoonde en die op grond van het geldende recht als levensgezel worden aangemerkt.
5. Het lidmaatschap begint op de eerste dag, volgend op die, waarop het lid als zodanig is aangemeld. De daaruit voortvloeiende verplichting, de (maandelijkse) contributie te voldoen, vangt aan op de eerste van de maand volgend op die waarin het lidmaatschap is begonnen.
Artikel 8
1. Buitengewone leden mogen voorstellen doen en deelnemen aan besprekingen op algemene en afdelingsvergaderingen.
2. Zij hebben geen stemrecht en zij kunnen niet in bestuursorganen worden benoemd.
Artikel 9
1. Het gewone lidmaatschap eindigt:
a. bij overlijden;
b. door schriftelijke opzegging aan het hoofdbestuur;
c. door opzegging door de vereniging;
d. door ontzetting.
2. Het buitengewone lidmaatschap eindigt:
a. bij overlijden;
b. door schriftelijke opzegging aan het hoofdbestuur;
c. bij hertrouwen, dan wel bij het wederom aangaan van een relatie met een levensgezel zoals bedoeld in artikel 7.
3. Opzegging van het lidmaatschap - door de vereniging - kan geschieden wanneer een lid heeft opgehouden te voldoen aan de vereisten in de statuten aan het lidmaatschap gesteld, alsook wanneer redelijkerwijs van de vereniging niet kan worden gevergd dat het lidmaatschap voortduurt.
4. Ontzetting uit het lidmaatschap kan alleen worden uitgesproken op grond van handelingen van het lid, die in strijd zijn met de statuten, het huishoudelijk reglement of besluiten van de vereniging, alsook op grond van handelingen, die de vereniging op onredelijke wijze benadelen.
5. Het hoofdbestuur is in een geval als bedoeld in lid 3 en lid 5 gehouden de algemene vergadering een voorstel terzake te doen en is alsdan bevoegd tot schorsing over te gaan in afwachting van een uitspraak van de algemene vergadering.
6. Indien een afdeling een dergelijk voorstel wil doen, wordt zulks aan het hoofdbestuur aangeboden.
7. Het lidmaatschap voor het in artikel 7, lid 1, d genoemde lid eindigt, indien blijkt dat zij of hij niet tot officier bij de Nederlandse krijgsmacht wordt benoemd.
Artikel 10
1. Alle leden zijn verplicht zich te onderwerpen aan het bepaalde in de statuten en het huishoudelijk reglement, alsmede aan de besluiten van de algemene vergadering, van het hoofdbestuur en van het afdelingsbestuur en aan de daaruit voortvloeiende aanwijzingen.
2. De rechten en plichten van de leden, voor zover niet in de statuten opgenomen, worden bij huishoudelijk reglement geregeld.
III. VAN HET BESTUUR
Artikel 11
1. De vereniging wordt bestuurd door een hoofdbestuur, bestaande uit tenminste zeven door de algemene vergadering gekozen leden. Bij een aantal minder dan zeven blijft het hoofdbestuur bevoegd. De algemene vergadering stelt het aantal leden van het hoofdbestuur vast.
2. De leden van het hoofdbestuur worden benoemd voor een periode van drie jaar en treden af volgens een door het hoofdbestuur opgesteld schema; zij zijn onmiddellijk herkiesbaar.
3. De voorzitter wordt, eveneens voor een periode van drie jaar, in functie gekozen; de overige functies worden door het hoofdbestuur, in onderling overleg, verdeeld.
4. De voorzitter, de vice-voorzitter, de secretaris en de penningmeester vormen het dagelijks bestuur.
5. Het hoofdbestuur vertegenwoordigt de vereniging in en buiten rechte. De vertegenwoordigingsbevoegdheid komt tevens toe aan twee gezamenlijk handelende leden van het dagelijks bestuur.
6. Het hoofdbestuur is bevoegd tot het sluiten van overeenkomsten tot het verkrijgen, vervreemden of bezwaren van registergoederen, indien de algemene vergadering hiervoor mandaat heeft verleend.
7. Indien het aantal leden van het hoofdbestuur beneden het in lid 1 vermelde minimum is gedaald, kan hierin door het hoofdbestuur - tijdelijk tot de eerstvolgende algemene vergadering - worden voorzien, en blijft het hoofdbestuur niettemin bevoegd. Het hoofdbestuur is verplicht zo spoedig mogelijk een algemene vergadering te beleggen, waarin de voorziening in de vacature(s) aan de orde komt.
8. Voor de verkiezing van leden van het hoofdbestuur kan -naast de door het hoofdbestuur op te maken voordracht -door elke afdeling, tot acht weken voor de algemene vergadering, een kandidatenlijst worden ingediend met hoogstens drie kandidaten voor iedere te vervullen vacature in het hoofdbestuur.
9. Deze kandidatenlijsten zullen tenminste één maand voor de algemene vergadering, waarop de verkiezing zal geschieden, aan de afdelingen bekend worden gemaakt.
10. Nieuwe hoofdbestuursleden treden in functie op het moment, dat de algemene vergadering, waarin zij zijn gekozen, wordt gesloten.
11. Leden van het hoofdbestuur kunnen meer dan één functie en niet meer dan twee functies binnen het bestuur vervullen.
12. Leden die als beleids- en/of secretariaatsmedewerker en/of als adviseur binnen de vereniging werkzaamheden verrichten kunnen geen lid van het hoofdbestuur zijn.
IV. VAN HET HUISHOUDELIJK REGLEMENT
Artikel 12
1. In aanvulling op en ter nadere uitwerking van de statuten wordt een huishoudelijk reglement opgesteld. Het huishoudelijk reglement wordt vastgesteld en gewijzigd door de algemene vergadering.
2. Vaststelling en wijziging van dit reglement geschiedt bij meerderheid van stemmen.
3. Het reglement bevat in ieder geval bepalingen inzake de taken en bevoegdheden van het hoofdbestuur, het dagelijks bestuur, de afdelingen en werkgroepen, nadere regels betreffende de uitgave van het orgaan en de werkwijze van de redactie, alsmede bepalingen inzake het beheer en de verantwoording van de verenigingsgelden.
4. Het reglement mag geen bepalingen bevatten, die strijdig zijn met de statuten.
V. VAN DE CONTRIBUTIE
Artikel 13
1. De inkomsten van de vereniging bestaan uit de contributies van de leden en uit andere baten.
2. Het bedrag van de contributie wordt jaarlijks door de algemene vergadering vastgesteld.
3. Het hoofdbestuur kan de wijze waarop de contributie dient te worden voldaan, nader vaststellen.
VI. VAN DE AFDELINGEN
Artikel 14
1. Afdelingen worden door het hoofdbestuur ingesteld en opgeheven.
2. De afdelingen kiezen elk een eigen bestuur en stellen, indien gewenst een eigen (huishoudelijk ) reglement vast, dat – om van kracht te kunnen zijn- niet strijdig mag zijn met de statuten of het huishoudelijk reglement van de vereniging en dat tevens de goedkeuring behoeft van het hoofdbestuur.
3. Het afdelingsbestuur belegt al naar gelang de behoefte afdelingsvergaderingen en organiseert, binnen het kader van de doelstellingen van de vereniging, lokale activiteiten. Zij is echter gehouden om voorafgaande aan de algemene vergadering een afdelingsvergadering te beleggen.
4. Tijdens deze vergadering wordt onder meer de agenda voor de algemene vergadering met de betreffende stukken besproken en wordt waar nodig de mening van de afdeling ten aanzien daarvan bepaald en worden tevens de afgevaardigden naar de algemene vergadering gekozen.
VII. VAN DE ALGEMENE VERGADERING
Artikel 15
1. Het hoofdbestuur schrijft jaarlijks tenminste één gewone algemene vergadering uit.
2. Daarnaast kunnen buitengewone algemene vergaderingen worden uitgeschreven, indien het hoofdbestuur dit nodig oordeelt, of wanneer tenminste drie procent der leden, afkomstig uit tenminste vijf afdelingen, schriftelijk de wens daartoe bij het hoofdbestuur kenbaar heeft gemaakt. Hierbij dienen de te behandelen onderwerpen voorzien van een toelichting te worden vermeld.
3. De agenda voor een gewone en een buitengewone algemene vergadering, alsmede de in die vergadering te behandelen stukken moeten ten minste dertig dagen vóór datum van die vergadering in het bezit van de afdelingen en beschikbaar voor de leden zijn.
Artikel 16
1. De algemene vergadering bestaat uit maximaal vier afgevaardigden per afdeling. Afdelingsbestuurders kunnen ook tot afgevaardigden worden aangewezen. Indien geen of niet voldoende afgevaardigden zijn aangewezen, kan een afdeling worden vertegenwoordigd door maximaal vier bestuurders.
2. In deze algemene vergadering kunnen alleen besluiten worden genomen over die onderwerpen die op de agenda staan en indien ten minste een derde van het aantal afdelingen vertegenwoordigd is, en ten minste een / derde van de leden vertegenwoordigd is.
3. Alle leden hebben toegang tot de algemene vergadering. Door de voorzitter kan aan niet-afgevaardigden het woord worden verleend.
4. Van de leden die het initiatief nemen tot het bijeenroepen van een buitengewone algemene vergadering, als bedoeld in artikel 15, worden in dat geval maximaal twee hunner als afgevaardigden beschouwd, naast degenen die reeds door de betreffende afdelingsvergaderingen als afgevaardigden zijn aangewezen.
5. Bij stemmingen brengt één der afgevaardigden het aantal stemmen uit voor de afdeling overeenkomstig het voor de afdeling vastgestelde aantal leden.
6. Bij het uitbrengen van de stemmen van de afdeling in de algemene vergadering wordt in beginsel de verhouding van de in de afdelingsvergadering gehouden stemming in evenredigheid tot uitdrukking gebracht.
7. Onverminderd het gestelde in artikel 12 en artikel 20 worden besluitengenomen bij meerderheid van stemmen. Stemmen over personen geschiedt schriftelijk; over zaken kan in principe mondeling. Bij het staken der stemmen over personen vindt herstemming plaats. Staken de stemmenopnieuw, dan beslist het lot.
8. Bij het staken der stemmen over zaken wordt het voorstel geacht te zijn verworpen. Indien bij een stemming over zaken, waarbij een keuze uit meerdere mogelijkheden bestaat, de stemmen staken, beslist het hoofdbestuur.
VIII. VAN HET VERENIGINGSORGAAN
Artikel 17
1. Ter bevordering van de in- en externe communicatie geeft de vereniging een periodiek verschijnend orgaan uit, waarvan de inhoud moet aansluiten op het verenigingsbeleid. Voorts vervult het orgaan een belangrijke taak in het bevorderen van een gedifferentieerde meningsvorming binnen en buiten de vereniging.
2. Het hoofdbestuur is verantwoordelijk voor de uitgave van het orgaan.
3. De hoofdredacteur en de overige leden van de redactie worden door het hoofdbestuur uit de leden benoemd. De redactie is belast met de redactionele werkzaamheden verbonden met de totstandkoming van het orgaan.
IX. SLOTBEPALINGEN
Artikel 18
1. Wijzigingen in deze statuten kunnen alleen worden aangebracht door de algemene vergadering.
2. In de oproep voor deze algemene vergadering dient het voorstel tot wijziging van de statuten te zijn opgenomen.
3. Terzake van deze wijzigingen moet binnen twee maanden na vaststelling aan de wettelijke formaliteiten zijn voldaan. Eerst dan zijn deze van kracht.
Artikel 19
Tot ontbinding van de vereniging kan alleen worden besloten door een uitsluitend daartoe bijeengeroepen algemene vergadering. In deze vergadering wordt tevens besloten over de bestemming van de eigendommen der vereniging, met inachtneming van het terzake in de wet bepaalde.
Artikel 20
1. De vergaderingen, bedoeld in artikel 18 en 19, zullen onder gelijktijdige bekendmaking van de tekst van aan de vergadering voor te leggen voorstellen, tenminste dertig dagen tevoren ter kennis van de leden worden gebracht.
2. Besluiten als bedoeld in de artikelen 18 en 19 kunnen slechts worden genomen met een meerderheid van twee derde van het aantal geldig uitgebrachte stemmen.
Artikel 21
In die gevallen, waarin door de statuten of het huishoudelijk reglement niet is voorzien, beslist het hoofdbestuur.
Slot akte.
Deze akte is in minuut opgemaakt en verleden te Rijswijk, Zuid‑Holland, op de datum in de aanhef van deze akte vermeld.
Nadat de inhoud van deze akte zakelijk aan de verschenen personen is opgegeven en toegelicht, hebben deze verklaard van de inhoud van deze akte kennis te hebben genomen en op volledige voorlezing daarvan geen prijs te stellen.
Vervolgens is deze akte, na beperkte voorlezing overeenkomstig de wet, door de verschenen personen, die mij, notaris, bekend zijn, en mij, notaris, ondertekend om vijftien uur en vijf en dertig minuten.

