Bannerlogo

 


Huishoudelijk Reglement

I. VAN DE DOELSTELLING

Artikel 1

Het bereiken van het doel, omschreven in de artikelen 4 en 5 van de Statuten, met betrekking tot de Collectieve Belangenbehartiging (CBB), de Individuele Belangenbehartiging (IBB), de Medezeggenschap (MZO) en de (Na)zorg is gedelegeerd aan de Vakbond voor Defensiepersoneel (VBM|NOV), waarmee de Nederlandse Officieren Vereniging een samenwerkingsverband (collectief lidmaatschap) is aangegaan.
  • De NOV blijft de collectieve en individuele belangenbehartiging van de beroepsgroep bewaken, door gevraagd en ongevraagd commentaar en advies te geven aan de Vakbond voor Defensiepersoneel (VBM|NOV).

3. Het bereiken van het doel, omschreven in Artikel 4 van de statuten, is verder onder te verdelen in de sub-doelstellingen:

a. het bijdragen tot het bij voortduring goed functioneren van een voor haar taak berekende en wezenlijk tot de samenleving behorende defensieorganisatie;

b. het zoeken naar oplossingen voor de problematiek van vrede en veiligheid;

c. het bevorderen van de kennis van haar leden ter verdere verbetering van de beleving en uitvoering van het beroep van officier;

d. het bevorderen van de saamhorigheid van de leden.

4. Voor het uitvoering geven aan voormelde sub-doelstellingen zijn, naast het hoofdbestuur dat verantwoordelijk is voor het geheel en de coördinatie, voor hun deel de besturen van de afdelingen, de werkgroepen en de redactie van Carré verantwoordelijk.

II. VAN DE LEDEN

Artikel 2

Zij die (buitengewoon) lid wensen te worden van de vereniging melden dit schriftelijk aan het hoofdbestuur. Het lidmaatschap kan onmiddellijk ingaan.

Artikel 3

Een benoeming tot erelid vindt plaats op voorstel van, dan wel door tussenkomst van het hoofdbestuur, door de algemene vergadering. Voor de benoeming is een meerderheid van tenminste twee derde van de geldig uitgebrachte stemmen vereist.

Artikel 4

De leden geven van adreswijzigingen kennis aan de ledenadministratie.

Artikel 5

De secretaris van het hoofdbestuur bevestigt schriftelijk aan het lid dat zijn lidmaatschap opzegt, dat zulks op zijn / haar verzoek is geschied. Hij zal de mogelijkheid van een buitengewoon lidmaatschap onder de aandacht brengen van de nagelaten betrekkingen als bedoeld in artikel 7 van de statuten.

  • Een besluit tot opzegging en schorsing van het lidmaatschap door het hoofdbestuur geschiedt per aangetekende brief, waarin tevens de redenen worden vermeld die tot het besluit hebben geleid.
  • Indien een lid gebruik maakt van de beroepsmogelijkheid als bedoeld in artikel 9, lid 4., van de statuten, moet dit beroep worden ingesteld binnen dertig dagen na ontvangst van de kennisgeving van opzegging. De algemene vergadering neemt terzake tijdens de eerstkomende vergadering een besluit, dat aan betrokkene per aangetekende brief wordt meegedeeld. Gedurende de beroepstermijn en hangende het beroep is het lid geschorst. De algemene vergadering kan met een meerderheid van twee derde van het aantal geldig uitgebrachte stemmen het hoofdbestuursbesluit vernietigen.

III. VAN HET HOOFDBESTUUR

Artikel 6

De voorzitter belegt zo dikwijls hij of tenminste drie leden van het hoofdbestuur dat nodig vinden, een bestuursvergadering, met dien verstande dat per jaar tenminste vier bestuursvergaderingen plaatsvinden. Het hoofdbestuur kan slechts geldige besluiten nemen indien tenminste de helft van het aantal zittende hoofdbestuursleden aanwezig is.

  • Besluiten worden genomen met gewone meerderheid van stemmen. Bij staking van de stemmen beslist de voorzitter.

Artikel 7

 

    Bij de samenstelling van het hoofdbestuur wordt getracht een redelijke vertegenwoordiging tot stand te brengen uit de krijgsmachtdelen, de verschillende rangen en categorieën.

    • Het hoofdbestuur kan aan de bestuursleden de verantwoordelijkheid van een of meerdere hoofdaandachtsgebieden / portefeuilles worden toebedeeld.
    • Elk bestuurslid wordt contactlid voor een (aantal) afdeling (en).

    IV. VAN HET DAGELIJKS BESTUUR

    Artikel 8

    Het dagelijks bestuur is belast met de dagelijkse gang van zaken.

    • Indien het hoofdbestuur aftreedt is het dagelijks bestuur verplicht de lopende zaken af te handelen en neemt maatregelen om zo spoedig mogelijk een nieuw hoofdbestuur te laten kiezen door de algemene vergadering.

     

    V. VAN DE VOORZITTER

    Artikel 9

    De voorzitter leidt de vergaderingen. Bij afwezigheid van de voorzitter vervangt de vice-voorzitter hem; zijn beiden verhinderd een vergadering bij te wonen, dan kiezen de hoofdbestuursleden voor de duur van de vergadering een voorzitter.

    VI. VAN DE SECRETARIS

    Artikel 10

    De secretaris is belast met de leiding over het verenigingsbureau, het beheer van het verenigingsarchief, het voeren van de correspondentie en het toezicht op de ledenadministratie. Hij is gerechtigd namens het hoofdbestuur brieven betreffende routine-aangelegenheden te ondertekenen. Voor de werkzaamheden verricht door de medewerkers van het bureau van de vereniging is de secretaris c.q. diens plaatsvervanger rechtstreeks verantwoordelijk.

    Artikel 11

    Bij ontstentenis van de secretaris belast de voorzitter één van de hoofdbestuursleden voor de duur van de verhindering met de secretariaatswerkzaamheden, genoemd in het vorige artikel.

    VII. VAN DE PENNINGMEESTER

    Artikel 12

    1. De penningmeester is belast met het innen en beheren van de gelden van de vereniging en kan zich daarbij laten bijstaan door een financieel administrateur, die dan het feitelijk beheer en administratie voert, overeenkomstig de gangbare opvattingen over een goed financieel beheer. De penningmeester voert de met zijn taak verbandhoudende briefwisseling.

    2. Bij ontstentenis van de penningmeester belast de voorzitter één van de hoofdbestuursleden voor de duur van de verhindering met de (financiële) werkzaamheden, genoemd in het vorige lid.

    Artikel 13

    De penningmeester stelt jaarlijks, voor 1 april, ten behoeve van de algemene vergadering een jaarrekening op over het afgelopen boekjaar. Decharge van het hoofdbestuur en de penningmeester is voorbehouden aan de algemene vergadering.

    Artikel 14

    De penningmeester stelt jaarlijks , voor 1 september, ten behoeve van de besluitvorming door de algemene vergadering een (ontwerp) begroting ter besluitvorming samen voor het volgende verenigingsjaar.

    Artikel 15

    De penningmeester is verantwoordelijk voor de registratie van de contributie en houdt een inventaris van de bezittingen bij.

    • Niet direct benodigde bedragen worden door de penningmeester op door het hoofdbestuur bepaalde wijze belegd.
    • De penningmeester is verantwoordelijk voor de bewaking van de budgetten van de door het hoofdbestuur ingestelde werk-, klankbord- en adviesgroepen.
    • De penningmeester is verantwoordelijk voor de bewaking van het budget van de redactie en de budgetten van de afdelingen.
    • De penningmeester is verantwoordelijk voor het afstemmen van tijdig ingediende begrotingsvoorstellen van de afdelingen, de redactie, de werk-, advies- en klankbordgroepen op de voor dat jaar beschikbare middelen.

    Artikel 16

    Jaarlijks worden door de algemene vergadering drie leden aangewezen, die geen deel van het hoofdbestuur mogen uitmaken, die belast worden met de controle op de geldelijke verantwoording door de penningmeester. Deze is gehouden aan de commissie inzage te verlenen in de onder zijn beheer zijnde financiële bescheiden. De commissie brengt verslag uit aan de algemene vergadering.

    VIII. VAN DE DELEGATIE NAAR DE VDP BESTUREN

    Artikel 17

    Het hoofdbestuur komt de bevoegdheid toe bindende voordrachten op te stellen en in te trekken ten aanzien van leden die zitting hebben in de diverse besturen van de Vakbond voor Defensiepersoneel (VBM/NOV). Deze leden hebben zitting in die besturen op persoonlijke titel.

    IX. VAN HET VERENIGINGSORGAAN

    Artikel 18

     

      Het orgaan verschijnt als regel elf keer per jaar. Het wordt toegezonden aan alle leden en abonnees, alsmede aan de door het hoofdbestuur i.o.m. de redactie vast te stellen externe relaties.

      • De leden van de redactie zijn gezamenlijk verantwoordelijkvoor de inhoud van de redactionele artikelen. Hun namen alsmede het adres van de redactie worden in het orgaan vermeld. Zij regelen zelf hun taakverdeling. Zij zijn verantwoordelijk voor het beheer van het door de penningmeester toegewezen (redactie)budget.
      • De redactie beslist over plaatsing van de op naam gestelde ingezonden bijdragen en heeft het recht deze zo nodig in overleg met betrokkene te bekorten. Artikelen van leden die aan de door de redactie gestelde criteria voldoen hebben voorrang bij plaatsing boven de artikelen geschreven door niet leden. De afweging blijft een verantwoordelijkheid van de redactie.
      • Hoewel noch het hoofdbestuur, noch de redactie - behoudens wettelijke bepalingen - verantwoordelijk kan zijn voor deze bijdragen, zal slechts in uitzonderingsgevallen plaatsing ervan worden geweigerd, omdat juist deze bijdragen de interne discussie binnen de vereniging mede gestalte geven. In geval wordt besloten niet tot plaatsing over te gaan, wordt zulks, met vermelding van redenen en met terugzending van het betreffende stuk, aan de schrijver bericht.
      • De voorzitter van het hoofdbestuur heeft de bevoegdheid om publicaties van de redactie vooraf in te zien, waarbij hij de mogelijkheid tot opschorting heeft. Deze bevoegdheid tot opschorten zal slechts kunnen betreffen artikelen of commentaren van de redactie als collectief, die betrekking hebben op onderwerpen, waaromtrent door de algemene vergadering, het hoofdbestuur of enige door een van beide organen aangewezen vertegenwoordiger een formeel standpunt is ingenomen en waarvan publicatie de vereniging ernstig zou kunnen schaden. Bij het uitoefenen van de bevoegdheid zal de voorzitter - namens het hoofdbestuur - het belang van eenheid in communicatie naar buiten, versus de waarde van een gedifferentieerde meningsvorming binnen de vereniging afwegen.
      • In geval dat van de in lid 5 bedoelde bevoegdheid gebruik wordt gemaakt opent het hoofdbestuur op zo kort mogelijke termijn overleg met de redactie teneinde in de eerstvolgende hoofdbestuursvergadering terzake een beslissing te nemen.
      • In geval de redactie met het in lid 6 bedoeldebesluit van het hoofdbestuur niet kan instemmen kan zij terzake een beroep doen op de eerstvolgende algemene vergadering.
      • Het in lid 5 bedoeldeartikel wordt niet geplaatst vooraleer het hoofdbestuur, dan wel de algemene vergadering, hiertoe besluit. In het laatste geval wordt het artikel vooraf ter kennis gebracht van de algemene vergadering.
      • Bijdragen van of vanwege het hoofdbestuur en van de werkgroepen, ingesteld door het hoofdbestuur, worden - om niet - in het orgaan opgenomen.
      • De redactie neemt haar besluiten op democratische wijze.
      • De redactie bestaat uit een hoofdredacteur en tenminste vier redacteuren. Benoeming van de hoofdredacteur en de overige leden van de redactie door het hoofdbestuur geschiedt uit de leden, op voordracht van de zittende redactie. Deze benoeming geldt voor één jaar, doch kan stilzwijgend worden verlengd.
      • De hoofdredacteur is tevens adviseur van het hoofdbestuur.

       

      Artikel 19

      Leden van de redactie kunnen - na gehoord te zijn door het hoofdbestuur - schriftelijk en met redenen omkleed, van hun functie worden ontheven.

      X. VAN DE AFDELINGEN

      Artikel 20

      De vereniging kent regionale en categoriale afdelingen.

      • Het hoofdbestuur regelt de indeling in afdelingen zodanig, dat deze afdelingen qua ledenbestand bestuurbaar en levensvatbaar zullen zijn. Elk lid wordt normaliter ingedeeld in de regionale afdeling van zijn woongebied. In verband met de bestuurbaarheid van de vereniging zal geen afdeling een groter ledenbestand kunnen hebben dan 20% van het totale ledental.
      • Wil een lid tot een andere afdeling behoren, dan maakt hij zulks kenbaar aan de ledenadministratie.
      • Wil een lid tot een categoriale afdeling gaan behoren, dan zal hij moeten voldoen aan de daarvoor geldende criteria, opgenomen in het huishoudelijk reglement van die categoriale afdeling.
      • Wil een lid tevens worden betrokken bij de activiteiten van een andere afdeling dan waarbij hij is ingedeeld, dan maakt hij zulks kenbaar aan de secretaris van de desbetreffende afdeling.
      • Het lid behoudt stemrecht in de eigen afdeling en kan daarop geen aanspraak maken in de andere afdeling.

      XI. VAN HET AFDELINGSBESTUUR

      Artikel 21

      Het bestuur van elke afdeling bestaat uit minimaal drie leden.

      De functie van afgevaardigde van een afdeling naar de algemene vergadering is onverenigbaar met een functie als lid van het hoofdbestuur.

      • De taak van een afdelingsbestuur kan, bij een niet (meer) functioneren van een afdelingsbestuur, door het hoofdbestuur worden overgenomen en zal dan worden gedelegeerd aan het dagelijks bestuur.

      Artikel 23

      De budgetten van de afdelingen worden jaarlijks in de begroting opgenomen. Daartoe dient de afdelingspenningmeester tijdig een begroting in bij de penningmeester.

      Artikel 24

      Naast de in artikel 14 van de Statuten vast gelegde taken, zijn de overige taken van een afdelingsbestuur:

      1. Het onderhouden van goede contacten met de leden, de (eventuele) correspondenten en de contactpersonen bij de militaire onderdelen binnen de afdelingsgrenzen.
      2. Het betrekken van de jonge officieren bij activiteiten binnen de afdeling en bij de zgn. klankbordgroepen.
      3. De ledenwerving ondersteunen en deelnemen aan activiteiten van relevante / gelijkgestemde organisaties in de regio.
      4. Het bevorderen van een goede interne communicatie (in alle richtingen) en daarbij ook horizontale contacten met andere afdelingen onderhouden.
      5. Het uitoefenen van een ombuds- / doorverwijsfunctie voor individuele leden (of diens familie) en voor niet leden.
      6. Het bevorderen van de saamhorigheid en de betrokkenheid van hun leden bij verenigingsactiviteiten.
      7. Het vervullen van een klankbordfunctie voor (nieuw) verenigingsbeleid en voor de specifieke inbreng bij activiteiten van de Vakbond voor Defensiepersoneel VBM|NOV.
      8. Het functioneren als basis, coördinator of gastheer voor incidentele / regionale activiteiten.
      9. Het onderhouden van nauwe contacten met de afdeling(en) van de Vakbond voor Defensiepersoneel VBM|NOV in hun werkgebied en het zorgdragen voor de personele invulling van de voor de NOV afgesproken functies binnen dat / die afdelingsbestu(u)r(en). Dit geld niet voor de categoriale afdelingen, deze onderhouden nauwe contacten met de gelijknamige adviesgroepen van de Vakbond voor Defensiepersoneel VBM|NOV.

      XII. VAN DE ALGEMENE VERGADERING

      Artikel 25

      Een algemene vergadering wordt tijdig, doch tenminste twee maanden van tevoren, door het hoofdbestuur, onder aanbieding van een voorlopige agenda, uitgeschreven.

      • Een buitengewone algemene vergadering op verzoek van leden, zoals genoemd in artikel 15 van de statuten, dient binnen zes weken na de datum waarop het verzoek daartoe is kenbaar gemaakt, plaats te vinden.

      Artikel 26

      In elke vergadering worden de notulen der vorige vergadering aan de orde gesteld en - na goedkeuring - door de voorzitter en de secretaris getekend.

       

      Artikel 27

      De voorzitter heeft het recht de beraadslagingen over een onderwerp te beëindigen, tenzij de vergadering zich daartegen verzet.

      Artikel 28

      Iedere afgevaardigde heeft het recht tot twee weken voor de vergadering op voorstellen amendementen in te dienen, tenzij vooraf anders is bepaald.

      • Amendementen worden vóór het voorstel in stemming gebracht en wel eerst het amendement dat volgens de voorzitter de verste strekking heeft.
      • Over voorstellen die tijdens de vergadering zijn ingediend, wordt in principe in die algemene vergadering niet beslist. De voorzitter kan, als gevolg van voortschrijdend inzicht, de vergadering voorstellen van deze regel af te wijken.

      Artikel 29

      Met uitzondering van de voorzitter, de afgevaardigde van de voorstellende afdeling c.q. de voorsteller mag door de woordvoerder van elke afdeling over hetzelfde onderwerp of voorstel in een vergadering niet meer dan tweemaal het woord worden gevoerd; door de voorzitter kan vrijstelling van deze bepaling worden verleend.

      Artikel 30

      Over personen wordt schriftelijk en over zaken mondeling gestemd. Wanneer bij stemming een persoon een niet voldoende aantal stemmen verkrijgt, wordt nogmaals gestemd tussen de nog te kiezen personen en wel tussen hen, die bij de eerste stemming de meeste stemmen verwierven.

      XIII. VAN DE ADVISEURS

      Artikel 31

      Het hoofdbestuur kan adviseurs - permanent en ad hoc - benoemen. Adviseurs ontvangen dezelfde documentatie en informatie als de leden van het hoofdbestuur en wonen in principe de hoofdbestuursvergaderingen bij.

      XIV. VAN DE WERKGROEP DEFENSIEBELEID en KRIJGSMACHT

      Artikel 32

      De opdracht aan de Werkgroep Defensiebeleid en Krijgsmacht (DenK) is:

      "In woord en geschrift bijdragen aan de discussie over vrede en veiligheid in de ruimste betekenis van het woord en aan een voor haar taak berekende en voor toekomstige inzetopties adequaat toegeruste Krijgsmacht".

      Artikel 33

      De taken en verantwoordelijkheden van de werkgroep DenK zijn vastgelegd in een convenant tussen het hoofdbestuur en de werkgroep .

      • De werkgroep DenK dient in augustus van elk jaar een werkplan voor het komende jaar in ter goedkeuring van het hoofdbestuur en werkt de daarin opgenomen activiteiten zelfstandig uit.

      1. VAN DE WERKGROEP EXTERNE RELATIES

      Artikel 34

      De opdracht aan de werkgroep is:

      Het samenstellen van een pakket van diensten waarvan alle leden van de vereniging gebruik kunnen maken.

      Artikel 35

      De werkgroep stelt daartoe door het hoofdbestuur goed te keuren bedrijfsvoeringsprocedures en een werkplan op, en voert de daarin opgenomen activiteiten zelfstandig uit.

      • De werkgroep stelt het hoofdbestuur een advertentiebeleid voor. Hierin zullen ook voorschriften worden opgenomen voor de zogenaamde advertorials.
      • De werkgroep is rechtstreeks verantwoording verschuldigd aan de vice-voorzitter van de vereniging.

      XVI. VAN DE MEDEWERKERS

      Artikel 36

      Het hoofdbestuur heeft de bevoegdheid medewerkers aan te nemen en te ontslaan, waarbij zoveel mogelijk wordt gestreefd naar een nauwe samenwerking met de VDP.

      XVII. VAN DE CONTACTEN

      Artikel 37

      In het kader van het gestelde in artikel 5, lid 4, van de statuten worden de verplichtingen, welke de partners, die de vereniging vormen, hadden aangegaan en de vertegenwoordigingen die daaruit voortvloeiden - o.m. met diensten van Geestelijke Verzorging en de zendende instanties - gecontinueerd. Mogelijkheden tot verwezenlijking hiervan worden geschapen.

      XVIII. VAN DE VOORZITTERSVERGADERING, WERK-, KLANKBORD- EN ADVIESGROEPEN

      Artikel 38

      Ter verwezenlijking van de in artikel 4 van de statuten genoemde doelstelling kent de vereniging mede een voorzittersvergadering en kunnen permanente of ad hoc werk-, klankbord- en/of adviesgroepen worden gevormd.

      • De voorzittersvergadering wordt door het hoofdbestuur naar behoefte, maar tenminste voorafgaande aan de Algemene Vergadering, bijeengeroepen voor opinievormend en consultatief overleg.
      • De voorzittersvergadering bestaat uit de voorzitters (of daartoe aangewezen vervangers) van de afdelingen, de hoofdbestuursleden, de adviseurs en de daarbij uit te nodigen medewerkers.
      • De werk-, klankbord- en adviesgroepen worden op initiatief van het hoofdbestuur uit de ledengevormd.
      • Het hoofdbestuur regelt zo nodig de taak en de samenstelling van de werk-, klankbord- en/of adviesgroep en ziet toe op de voortgang van de werkzaamheden. Benoeming van de voorzitter en de overige leden van de werkgroep door het hoofdbestuur geschiedt op voordracht van de zittende leden van de werkgroep. Deze benoeming geldt voor de duur van het bestaan van de werkgroep met een maximum van één jaar, doch kan stilzwijgend worden verlengd.

      XIX. VAN DE CONTRIBUTIE

      Artikel 39

      De leden zijn maandelijks de door de algemene vergadering jaarlijks vastgestelde contributie verschuldigd.

      • Ereleden zijn geen contributie verschuldigd.
      • Indien, afhankelijk van de (militaire) status van een lid, verschillende contributiebedragen worden vastgesteld, gaat bij wijziging van deze status de wijziging van de contributie in op de eerste dag van de maand, waarin de overeenkomstige wijziging van de inkomsten wordt berekend.
      • Nieuwe leden zijn in het jaar van hun aanmelding slechts contributie verschuldigd over het resterend aantal maanden na hun aanmelding.
      • Militairen in opleiding voor officier kunnen aspirant-lid worden en zijn in het eerste jaar van de opleiding geen contributie verschuldigd. Daarna betalen zij gedurende de opleidingstijd een aangepaste contributie. Nadat de opleiding is beëindigd is de volledige contributie verschuldigd.
      • Bij schriftelijke opzegging eindigt de plicht tot het betalen van contributie. De contributie is verschuldigd tot de eerste van de maand volgend op de datum van opzegging.
      • De contributie kan worden voldaan:
      1. door rechtstreekse betaling van de jaarcontributie en wel bij vooruitbetaling voor 1 januari van het betreffende verenigingsjaar;
      2. door de vereniging te machtigen de contributie in maandelijkse termijnen te incasseren d.m.v. inhouding daarvan via de salaris-, uitkering- of pensioen uitbetalende instantie op de inkomsten van contribuant dan wel door incasso daarvan via de bank- of girorekening van contribuant.

      XX. VAN DE ABONNEMENTEN

      Artikel 40

      Niet-leden kunnen zich abonneren op het orgaan van de vereniging. De abonnementsprijs wordt vastgesteld door het hoofdbestuur. Het hoofdbestuur kan bepalen of een abonnement wordt verstrekt en in welke gevallen dit gratis kan geschieden.

      XXI VAN DE VERENIGINGSWEBSITE

      Artikel 41

      1. De vereniging heeft een website met de naam, http://www.nov-officieren.nl. De doelstelling is om ook via het World Wide Web:

      a. artikel 4 van de statuten te bevorderen;

      b. activiteiten van de vereniging ter kennis te brengen aan de leden;

      c. besluiten van het bestuur aan de afdelingen en de leden ter kennis te brengen;

      d. de afdelingsbesturen te ondersteunen;

      e. de ledenwerving te ondersteunen.

      2. Het hoofdbestuur is verantwoordelijk voor de inhoud van de website. Onverminderd deze verantwoordelijkheid heeft de webmaster een eigen verantwoordelijkheid om de website te redigeren. Daarnaast hebben de door het hoofdbestuur aangewezen functionarissen (de zogenaamde pagina-eigenaren) een eigen verantwoordelijkheid voor de inhoud van de hen toegewezen pagina's.

      3. De verantwoordelijkheden en procedures zijn vastgelegd in het site-reglement.

      4. Voor beheer en onderhoud van de website dient door het hoofdbestuur een webmaster uit de leden te worden aangesteld.

      5. De overeenkomst met de webmaster is van onbepaalde tijd en kan wederzijds worden beëindigd door schriftelijke opzegging met een opzegtermijn van drie maanden.

      6. De secretaris is belast met het toezicht op de site en de juiste uitvoering van het site-reglement

      XXII. SLOTBEPALINGEN

      Artikel 42

      Allen die enige taak ten behoeve van de vereniging verrichten, kunnen de door hen gemaakte onkosten vergoed krijgen volgens door het hoofdbestuur vastgestelde richtlijnen. Hiertoe dienen zij een voldoende gespecificeerde rekening in.

      Artikel 43

      Het hoofdbestuur kan leden, die zich voor de vereniging zeer verdienstelijk hebben gemaakt, belonen.

      Artikel 44

      Een gewijzigd reglement treedt onmiddellijk, nadat het in de Algemene Vergadering is vastgesteld, in werking.

                              

       

      Collage 3


Copyright 2012 Nederlandse Officieren Vereniging. All rights reserved. Geplaatst 09 januari 2012


TOP